Stikstof efficiency

Stikstofefficiënt werken? Begin in de wei!

Gras dat efficiënt met stikstof omgaat, bepaalt in grote mate hoe duurzaam jouw bedrijfsvoering kan zijn. Het helpt je als melkveehouder om te voldoen aan steeds strengere regels voor milieu en waterkwaliteit. Daarom werken onderzoekers in het Barenbrug research station in Wolfheze al jaren aan stikstof efficiency.

Stikstofopname meten


In Wolfheze beschikt Barenbrug over een uitgebreid laboratorium. Daar wordt onder andere gewerkt met hydrophonics: gras groeit hierbij op water, waaraan uiterst nauwkeurig gedoseerde meststoffen worden toegevoegd. Zo kunnen onderzoekers de stikstofopname exact meten.

hydroponics

Verschillende genetische lijnen worden onder identieke omstandigheden getest, waardoor verschillen in stikstofbenutting direct zichtbaar worden. Door deze variatie inzichtelijk te maken, kan Barenbrug bepalen welke rassen het meest efficiënt met stikstof omgaan en dus geschikt zijn voor grasmengsels voor een toekomstbestendige melkveehouderij.

De rassen die het beste presteren worden verder getest in praktijkproeven op meerdere locaties, zowel op zand als op klei. Hier worden ze beoordeeld op ds-opbrengst en kwaliteit. De rassen die het beste presteren bij een lage stikstofgift zijn bestemd voor de kwaliteitsmengsels van Barenbrug.

 

Wat zijn de gevolgen van een lage stikstofgift?

De eerste resultaten uit meerjarige veldproeven met Engels raaigras onder een beperkt stikstofregime (150kg N/ha) laten het volgende beeld zien:

• De DS-opbrengst daalt met ruim 10% op kleigrond en met 20% op zandgrond. De eiwit opbrengstdaling verdubbelt.

• In jaar 2 zijn de effecten groter door uitputting van bodemreserves.

• VCOS wordt beperkt beïnvloed door lagere snede-opbrengsten.

• Rassen verliezen 1–2 punten roestresistentie; oudere rassen zijn gevoeliger.

• Rassen met een hoge voorjaarsopbrengst benutten stikstof beter.